Stents: hoe een klein buisje een bloedvat weer open houdt

Stents redden elk jaar duizenden levens in Nederland. Toch weten veel mensen nauwelijks wat ze zijn of hoe ze werken. Een stent is een klein, buisvormig roostertje van metaal of kunststof. Artsen plaatsen het in een bloedvat om dat vat open te houden. Dat klinkt eenvoudig, maar achter die ingreep gaat een heel verhaal schuil over het hart, de bloedvaten en wat er mis kan gaan als die vernauwen.

Wat er gebeurt als een bloedvat vernauwt

Bloedvaten kunnen in de loop van de jaren vernauwend raken door ophopingen van vet, kalk en andere stoffen aan de binnenwand. Dit heet aderverkalking. Het bloed heeft dan moeite om door het vat te stromen, waardoor het hart of andere organen te weinig zuurstof krijgen. Bij een ernstige vernauwing in de kransslagaderen rondom het hart kan iemand pijn op de borst krijgen, ook wel angina pectoris genoemd. In het ergste geval raakt het vat volledig afgesloten en ontstaat er een hartaanval. Een vergelijkbare situatie kan zich voordoen in de halsslagaders, waarbij het risico op een beroerte toeneemt. Vernauwingen kunnen ook voorkomen in de beenslagaders, wat leidt tot pijn bij het lopen.

Hoe het plaatsen van een stent in zijn werk gaat

Artsen plaatsen een stent bijna altijd via een dotterbehandeling. Bij deze ingreep brengt de arts een dun slangetje, een katheter, in via een bloedvat in de pols of lies. Aan het uiteinde van dat slangetje zit een klein ballonnetje met daaromheen het samengevouwen buisje. De arts schuift de katheter door het bloedvat naar de plek van de vernauwing. Daar wordt het ballonnetje opgeblazen, waardoor het vat uitzet en het buisje zich vastzet tegen de vatwand. Daarna wordt het ballonnetje weer leeggepompt en verwijderd. Het buisje blijft achter en houdt het vat open. De ingreep duurt vaak minder dan een uur en de patiënt hoeft er doorgaans niet lang voor in het ziekenhuis te blijven.

De verschillende soorten en hun werking

Niet alle buisjes die artsen inbrengen zijn hetzelfde. De meest gebruikte versie is gemaakt van metaal en blijft permanent in het bloedvat zitten. Een bekende variant is de zogenoemde medicijnen afgevende versie. Dit type geeft gedoseerd een stofje af dat voorkomt dat het vat opnieuw dichtgroeit, wat vroeger een veelvoorkomend probleem was. Naast de metalen versies zijn er ook volledig oplosbare typen, die na verloop van tijd door het lichaam worden afgebroken. Die worden nog niet overal standaard toegepast, maar zijn in bepaalde situaties een goede keuze. Welk type het meest geschikt is, hangt af van de plek van de vernauwing, de ernst ervan en de gezondheid van de patiënt.

Wat je na de ingreep kunt verwachten

Na de behandeling krijgen de meeste patiënten bloedverdunners voorgeschreven. Die medicijnen zorgen ervoor dat er geen stolsel ontstaat op de plek waar het buisje zit. Hoe lang iemand die moet slikken, verschilt per situatie. In sommige gevallen is dat een jaar, soms langer. Het is belangrijk om die medicijnen niet zomaar te stoppen zonder overleg met de arts. Verder is het verstandig om na de ingreep gezond te leven: niet roken, voldoende bewegen en een gevarieerd voedingspatroon aanhouden. Dat vermindert de kans dat de aderverkalking verder gaat en dat er opnieuw een vernauwing ontstaat. De meeste mensen merken na de ingreep snel verbetering en kunnen hun dagelijkse bezigheden weer oppakken.

Veelgestelde vragen over stents

Kun je met een stent in je lichaam door een metaaldetector?
Een stent in het lichaam zorgt zelden voor problemen bij een metaaldetector op een luchthaven. De buisjes zijn zo klein dat ze meestal geen alarm veroorzaken. Een MRI scan is in de meeste gevallen ook gewoon mogelijk, maar het is altijd verstandig om dit vooraf aan de radioloog te melden.

Hoe lang gaat een stent mee?
Een metalen stent gaat in principe een leven lang mee. Het buisje groeit vast in de vatwand en verdwijnt niet vanzelf. Er is geen vervaldatum. De oplosbare variant lost na één tot drie jaar op, afhankelijk van het type.

Is een stentbehandeling gevaarlijk?
Een dotterbehandeling met een stentplaatsing is een veelgebruikte ingreep die bij de meeste patiënten goed verloopt. Zoals bij elke medische ingreep zijn er risico’s, zoals bloeding of een reactie op het contrastmiddel. Bij oudere patiënten, met name boven de 70 jaar, kunnen de risico’s iets hoger zijn, afhankelijk van de plek van de vernauwing en de algemene gezondheid.

Mag je sporten na het plaatsen van een stent?
Na de ingreep is bewegen juist aan te raden, maar opbouwend en in overleg met de behandelend arts. Zwaar sporten doe je de eerste tijd beter niet. Veel ziekenhuizen bieden hartrevalidatie aan, waarbij patiënten begeleid opbouwen naar een actief leven.

Scroll naar boven